ENG/FR/NL
  CRC

|WELKE METINGEN?

 

Fietsmeting: Een fietsmeting heeft tot doel een juist frame te bepalen en het berekenen van de optimale zitpositie.

Dit met het doel een nieuw frame of fiets aan te kopen. Men brengt dan koerskledij en fietsschoenen mee. De opmeting is dezelfde als bij een fietsanalyse en even nauwkeurig.

Na een kort vraaggesprek over het doel waarvoor de fiets zal gebruikt worden en eventuele
klachten, wordt men volledig opgemeten.

Deze opmeting omvat het meten van: de totale lichaamslengte, tussenbeenlengte, schouderbreedte, arm- en romplengte, verschil in beenlengte (zowel boven- als onderbenen) en de stand van de voeten.

Indien er asymmetrische afwijkingen worden vastgesteld worden er bijkomende metingen verricht.

Een fietsmeting kan voor alle disciplines. Let wel, per discipline is een aparte berekening nodig. Voor een kleine meerprijs kan het nodige document aangemaakt worden.

Fietsframes op maat zijn nog zelden te koop, maar een degelijk en duidelijk maatplan kan altijd helpen bij de keuze van een productieframe.
De maten op het plan zijn geldig voor elk merk van frame binnen de gekozen discipline.

Er is een mogelijkheid om na de aanschaf van de nieuwe fiets een “fine-tuning” te laten uitvoeren, men spreekt dan van een “na-analyse”.

Deze na-analyse heeft tot doel de nog kleine schoonheidsfoutjes en de tijdens het opmeten vastgestelde lichamelijke klachten, diepgaand te onderzoeken en weg te werken.

Indien nodig, worden er aangepaste en bijkomende metingen verricht.

Fietsanalyse: De fietsanalyse heeft tot doel de bestaande fiets en houding grondig te analyseren en te verbeteren.

De schoen- en voetpositie krijgen de nodige aandacht.

Na een vraaggesprek over mogelijke problemen, ongemakken en klachten tijdens het fietsen, worden de huidige fietspositie en framematen opgemeten.

De vitale onderdelen zoals, zadel, pedalen, krancks, stuur, remgrepen, e.a. worden op afwijkingen gecontroleerd.
Deze voor-analyse van het materiaal kan soms al een duidelijk beeld geven van de ongemakken of problemen.

Dan volgt een fietstest met lichte opwarming, waarbij het lichaam en de belangrijkste spier-
groepen worden geanalyseerd. De vastgestelde afwijkingen worden zorgvuldig genoteerd om nadien bij het opmeten en het berekenen van de fietshouding diepgaander te onderzoeken.

Dan volgt de opmeting. Deze opmeting omvat het meten van de totale lichaamslengte, tussenbeenlengte, schouderbreedte, arm- en romplengte, verschil in beenlengte (zowel boven- als onderbenen) en de stand van de voeten, e.a..

Voor het berekenen van de fietspositie en de framemaat wordt een eigen programma gebruikt.

De fiets- en schoenpositie worden ingesteld volgens de berekende gegevens.

Dan volgt een definitieve fietsanalyse, met aandacht voor een optimale zitpositie, maar vooral geconcentreerd op de afwijkingen en klachten.

Na deze analyse wordt een compleet en duidelijk plan opgemaakt met de vernieuwde fietspositie en framegeometrie op maat, aangepast aan de lichaamslengten van de fietser.
Zo kan men in de toekomst dit plan gebruiken bij de aankoop van een fiets. (zie fietsmeting)

Een grondige verandering van positie, soms met millimeters, soms met centimeters, moet niet altijd aanleiding geven tot aanpassingsproblemen.
Het infietsen van een nieuwe positie moet in één maal gebeuren.

Bij de eerste trainingen, rustig infietsen, soms is na een kwartier de aanpassing al in orde
en verdwijnen de klachten spontaan.

Een positieverandering instellen in meerdere sessies geeft te veel aanpassingsproblemen en is volstrekt overbodig.

Let wel, soms zijn de lichamelijke afwijkingen zodanig sterk en de problemen van die aard dat een fietsafstelling geen garantie kan bieden voor het wegnemen van deze klachten, maar een goed afgestelde fietspositie kan deze klachten beslist dragelijker maken!

TIP!: Vele klachten komen voort uit overbelasting. Overbelasting is het gevolg van een onaangepast trainingsprogramma of het onjuist uitvoeren er van.
Te snel willen opvoeren van het trainings- of wedstrijdritme, na inactiviteit of ziekte.

Bij de recreatieve fietser is een te snel opvoeren van trainingskilometers en gemiddelde snelheid een duidelijke oorzaak, veelal met blessures tot gevolg.
De recreatieve fietser moet meer nog dan de wedstrijdfietser aandacht besteden aan het fietsen met hartslagmeter.
Een aangepaste fietstest met lactaatmeting is sterk aanbevolen, anders stelt men een hartslagmeter best in volgens zijn leeftijd.
In het begin kan de gemiddelde snelheid frusterend laag zijn, de trainingsopbouw zal geleidelijker en met minder lichamelijke klachten verlopen.
Te korte en te hevige inspanningen geven immers alleen maar verbranding van suikers, wie aan vetverbranding wil doen, fietst beter langer en met lagere hartslag.

Dit alles in combinatie met een optimale afgestelde fietspositie zal het fietsen in alle omstandigheden beslist heel wat aangenamer maken.